Bordeel verbod
In 2000 is het bordeel verbod (in werkelijkheid het opheffen van het in artikel 250bis van het wetboek van strafrecht genoemde verbod op het souteneurschap).
Het opheffen van het bordeelverbod had meerdere doelstellingen:
- verbeteren levensomstandigheden van de prostituees;
- tegengaan van mensenhandel;
- legalisering van de prostitutie:
- betere grip op de volksgezondheids aspecten (sexueel
overdraagbare aandoeningen soa's);
- mogelijkheid voor gemeenten om een vergunningenstelsel
op te nemen in een plaatselijke verordening.
Duidelijk mag zijn dat het opheffen van het bordeelverbod niet gebracht heeft wat er van verwacht is. Bij het opheffen van het bordeelverbod hebben de gemeenten de mogelijkheid gekregen om bordelen volledig te verbieden. Veel gemeenten hebben hier gebruik van gemaakt. Er zijn zelfs gemeenten waar het woord prostitutie niet op agenda van de gemeenteraad mag worden geplaatst gelet op de Christelijke signatuur van de gemeente. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten wordt uitgenodigd om inzicht te geven in hoeveel gemeenten er sprake is van een blijvend bordeel verbod is. Het aantal zal vermoedelijk hoog zijn.
Daarnaast is er een verschil in gemeenten die wel een vergunningenstelsel hebben opgenomen. Er zijn gemeenten die niets over escort hebben geregeld, zoals de gemeente Amsterdam. In hoeverre een regeling betreffende de escort in strijd is met andere wetten is de vraag. Tenslotte zijn de gemeenten die een vergunningenstelsel hebben opgenomen in de plaatselijke verordening begonnen met een soort schoonmaak actie. Raamprostitutie wordt ingeperkt, tippelen wordt verplaatst of onmogelijk gemaakt, het aantal bordelen wordt verminderd. Dit alles brengt met zich mee dat er van een feitelijke legalisering geen sprake kan zijn. De prostitutie zou een normale bedrijfstak moeten worden, echter er is gewerkt naar het tegenover gestelde.
Het is dan ook niet verwonderlijk dat de overige doelstellingen, zoals verbeterde levensomstandigheden en tegen gaan van mensenhandel niet alleen niet zullen worden gehaald maar er is juist sprake is van een verslechtering. Er valt steeds meer geld te verdienen met de verboden vormen van dit product.
De huidige stand van de techniek maakt het mogelijk om op dit gebied contacten met de klanten te legggen met name in hetgeen voor escort moet doorgaan. Er is dan ook een roep om een "escortwet" die meer mogelijkheden moet bieden om deze vorm van prostitutie op te treden. Dit zal echter weer betekenen dat er sprake is van een verdere neergaande spiraal en de eigenlijke doelstellingen nooit gehaald zullen worden. Indien de gemeenten in het algemeen zich niet ruimer opstellen met het toestaan van bordelen in hun gemeente zal er van een nooit van een feitelijke legalisering sprake zijn.
Daarnaast is de horeca weer begonnen zich op de soft erotische markt te begeven. In het begin van de tachtiger jaren heeft de horeca zich geworpen op "topless boxing", lingerie shows, modderbad gevechten etc. Dit is echter weer een stille dood gestorven. Thans lijkt de horeca weer meer aandacht te hebben voor deze vormen van erotische aard. Het paaldansen is uit Amerika komen overwaaien en in het verlengde daarvan komen er ook meer pornografische voorstellingen en dit alles om meer publiek in het horecabedrijf te krijgen. Echter horecabedrijven krijgen dan in dat geval direct te maken met de plaatselijke regelgeving betreffende de prostitutie en het geven van voorstellingen van porno- erotische aard. Een normale horeca inrichting is in de regel niet aangewezen als een prostitutie-inrichting. Dit betekent dat daar dergelijke voorstellingen niet mogen worden gehouden.
Het opheffen van het bordeelverbod had meerdere doelstellingen:
- verbeteren levensomstandigheden van de prostituees;
- tegengaan van mensenhandel;
- legalisering van de prostitutie:
- betere grip op de volksgezondheids aspecten (sexueel
overdraagbare aandoeningen soa's);
- mogelijkheid voor gemeenten om een vergunningenstelsel
op te nemen in een plaatselijke verordening.
Duidelijk mag zijn dat het opheffen van het bordeelverbod niet gebracht heeft wat er van verwacht is. Bij het opheffen van het bordeelverbod hebben de gemeenten de mogelijkheid gekregen om bordelen volledig te verbieden. Veel gemeenten hebben hier gebruik van gemaakt. Er zijn zelfs gemeenten waar het woord prostitutie niet op agenda van de gemeenteraad mag worden geplaatst gelet op de Christelijke signatuur van de gemeente. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten wordt uitgenodigd om inzicht te geven in hoeveel gemeenten er sprake is van een blijvend bordeel verbod is. Het aantal zal vermoedelijk hoog zijn.
Daarnaast is er een verschil in gemeenten die wel een vergunningenstelsel hebben opgenomen. Er zijn gemeenten die niets over escort hebben geregeld, zoals de gemeente Amsterdam. In hoeverre een regeling betreffende de escort in strijd is met andere wetten is de vraag. Tenslotte zijn de gemeenten die een vergunningenstelsel hebben opgenomen in de plaatselijke verordening begonnen met een soort schoonmaak actie. Raamprostitutie wordt ingeperkt, tippelen wordt verplaatst of onmogelijk gemaakt, het aantal bordelen wordt verminderd. Dit alles brengt met zich mee dat er van een feitelijke legalisering geen sprake kan zijn. De prostitutie zou een normale bedrijfstak moeten worden, echter er is gewerkt naar het tegenover gestelde.
Het is dan ook niet verwonderlijk dat de overige doelstellingen, zoals verbeterde levensomstandigheden en tegen gaan van mensenhandel niet alleen niet zullen worden gehaald maar er is juist sprake is van een verslechtering. Er valt steeds meer geld te verdienen met de verboden vormen van dit product.
De huidige stand van de techniek maakt het mogelijk om op dit gebied contacten met de klanten te legggen met name in hetgeen voor escort moet doorgaan. Er is dan ook een roep om een "escortwet" die meer mogelijkheden moet bieden om deze vorm van prostitutie op te treden. Dit zal echter weer betekenen dat er sprake is van een verdere neergaande spiraal en de eigenlijke doelstellingen nooit gehaald zullen worden. Indien de gemeenten in het algemeen zich niet ruimer opstellen met het toestaan van bordelen in hun gemeente zal er van een nooit van een feitelijke legalisering sprake zijn.
Daarnaast is de horeca weer begonnen zich op de soft erotische markt te begeven. In het begin van de tachtiger jaren heeft de horeca zich geworpen op "topless boxing", lingerie shows, modderbad gevechten etc. Dit is echter weer een stille dood gestorven. Thans lijkt de horeca weer meer aandacht te hebben voor deze vormen van erotische aard. Het paaldansen is uit Amerika komen overwaaien en in het verlengde daarvan komen er ook meer pornografische voorstellingen en dit alles om meer publiek in het horecabedrijf te krijgen. Echter horecabedrijven krijgen dan in dat geval direct te maken met de plaatselijke regelgeving betreffende de prostitutie en het geven van voorstellingen van porno- erotische aard. Een normale horeca inrichting is in de regel niet aangewezen als een prostitutie-inrichting. Dit betekent dat daar dergelijke voorstellingen niet mogen worden gehouden.

