Burgemeester Almelo verkwanselt de huishouding van de gemeente.
In 1851 heeft de grondlegger van de Gemeentewet Thorbecke gewezen op de zelfstandigheid van iedere gemeente. Daarbij hebben de gemeenteraden het recht gekregen om de zogenaamde eigen huishouding van de gemeente regelen. Grondslag hierbij is dat iedere gemeente zo zijn eigen plaatselijke belangen heeft en de gemeenteraden van die gemeenten door de burgers van die gemeenten worden gekozen om die belangen te behartigen. Een burgemeester wordt echter niet gekozen die wordt benoemd door de regering. De burgemeester van de gemeente Almelo mevrouw J. Hermans-Vloedbeld sprak in haar nieuwjaarstoespraak uit dat ze in feite een groot voorstander is van een soort Twentestad waarbij de Twentse gemeenten samen gaan. De burgemeester van Hengelo is daar al veel voorzichtiger over gelet op de eerdere weerstand van de burgers van de gemeente Hengelo inzake het samengaan met de gemeente Enschede. En het samengaan betekent dat een gemeente haar eigen identiteit kwijtraakt en derhalve ook de burgers die in die gemeente wonen. Dus de gemeenteraadsleden raken dan de mogelijkheid om over de eigen huishouding te beslissen kwijt. De vraag die naar aanleiding van de stelling van de burgemeester van Almelo naar voren komt is of die stelling ook de stelling is van de gemeenteraad. Het is toch de gemeenteraad die hier een standpunt over moet innemen. En wat gaan de diverse gemeenteraadsfracties nu doen nu de burgemeester een standpunt heeft ingenomen die niet wordt gedeeld. Gaat deze fracties de burgemeester ter verantwoording roepen of moeten de burgers van de gemeente Almelo dat doen bij de nieuwe verkiezingen van de gemeenteraad. Willen de burgers van de gemeente Almelo wel onderdeel uitmaken van een moloch genaamd Twentestad. Het woord is nog altijd aan de burger en in dit geval de kiezer en niet aan de burgemeester.

