Van rookverbod naar sluiting horecabedrijf
Nu het rookverbod in de horeca op grote schaal wordt overtreden ziet de minister zich geplaatst voor een probleem. In de Tabakswet staat in artikel 11b zesde lid het volgende vermeld: "In afwijking van het eerste lid kan de overtreding niet met een boete worden afgedaan, indein de in de bijlage ter zake van de overtreding voorziene boete aanmerkelijk wordt overschreden door het met de overtreding behaalde economische voordeel". De maximale hoogte van de boete die kan worden opgelegd is € 4.500,00. En er is maar één opsporingsorgaan en dat is de Voedsel en Waren Autoriteit (hierna VWA). Nu wil de minister blijkbaar overgaan tot de aanwijziging dat het behaalde voordeel van de betreffende horeca ondernemers hoger is dan € 4.500,00. Dat moet dan eerst nog maar bewezen worden of dat zo is. Indien de VWA dit niet aannemelijk kan maken dat gaat het verhaal niet op om over te stappen naar een economisch delict.
In artikel 1 van de Wet op de Economische Delicten staat welke overtredingen van de Tabakswet onder de Wet Economische Delicten valt.
Indien de minister nu voor de strafrechtelijke handhaving wil gaan kiezen ligt de weg open om tot feitelijke sluiting van de horecabedrijven te komen. Dit kan dan zowel op grond van het Besluit eisen zedelijk gedrag Drank- en Horecawet als, met een omweg, de wet BIBOB. Indien een horecaondernemer een aantal keren een behoorlijke boete opgelegd heeft gekregen en hij daartegen in verweer komt kan de situatie voor lange tijd worden opgerekt. Indien de ondernemer niets doet dan krijgt hij niet alleen een strafrechtelijke veroordeling maar ook feitelijk een boete opgelegd. Indien dit twee keer heeft plaatsgevonden dat moet het college van burgemeester en wethouders hem de vergunning intrekken gelet op het gestelde in het Besluit eisen zedelijk gedrag.
Het kan echter ook dat indien de VWA hem meerdere processen-verbaal heeft gegeven op grond van de Wet Eonomische Delicten (en zonder dat er een veroordeling heeft plaatsgevonden), de officier van justitie de burgemeester van de betreffende gemeente een tip geeft op grond van het bepaalde in de wet BIBOB (Bevordering Integriteitsbeoordelingen door het Openbaar Bestuur). De burgemeester moet naar aanleiding van die tip het Bureau BIBOB om een advies vragen. In dat advies zullen dan de opgestelde processen-verbaal van de VWA een rol spelen en het zogenaamde illegale financiële voordeel wat de horeca ondernemer heeft behaald bij zijn overtreding van de Tabakswet. Resultaat een negatief BIBOB advies en op grond daarvan intrekking van de vergunning. Dit betekent echter wel dat de gemeenten tenslotte via een omweg actief betrokken worden bij de naleving van de Tabakswet.
En het komt er op neer dat de meest halstarrige horeca ondernemer tenslotte aan het korste eind zal trekken.
In artikel 1 van de Wet op de Economische Delicten staat welke overtredingen van de Tabakswet onder de Wet Economische Delicten valt.
Indien de minister nu voor de strafrechtelijke handhaving wil gaan kiezen ligt de weg open om tot feitelijke sluiting van de horecabedrijven te komen. Dit kan dan zowel op grond van het Besluit eisen zedelijk gedrag Drank- en Horecawet als, met een omweg, de wet BIBOB. Indien een horecaondernemer een aantal keren een behoorlijke boete opgelegd heeft gekregen en hij daartegen in verweer komt kan de situatie voor lange tijd worden opgerekt. Indien de ondernemer niets doet dan krijgt hij niet alleen een strafrechtelijke veroordeling maar ook feitelijk een boete opgelegd. Indien dit twee keer heeft plaatsgevonden dat moet het college van burgemeester en wethouders hem de vergunning intrekken gelet op het gestelde in het Besluit eisen zedelijk gedrag.
Het kan echter ook dat indien de VWA hem meerdere processen-verbaal heeft gegeven op grond van de Wet Eonomische Delicten (en zonder dat er een veroordeling heeft plaatsgevonden), de officier van justitie de burgemeester van de betreffende gemeente een tip geeft op grond van het bepaalde in de wet BIBOB (Bevordering Integriteitsbeoordelingen door het Openbaar Bestuur). De burgemeester moet naar aanleiding van die tip het Bureau BIBOB om een advies vragen. In dat advies zullen dan de opgestelde processen-verbaal van de VWA een rol spelen en het zogenaamde illegale financiële voordeel wat de horeca ondernemer heeft behaald bij zijn overtreding van de Tabakswet. Resultaat een negatief BIBOB advies en op grond daarvan intrekking van de vergunning. Dit betekent echter wel dat de gemeenten tenslotte via een omweg actief betrokken worden bij de naleving van de Tabakswet.
En het komt er op neer dat de meest halstarrige horeca ondernemer tenslotte aan het korste eind zal trekken.

