JEE
 

        DURA  LEX

       JURIDISCH ADMINISTRATIEF RECHT

                 SPEELAUTOMATEN

 

Home
Terug

20 december 2006 Speelautomaten wetgeving voor een deel terug naar af.
Het ministerie van Justitie is bezig met een nieuwe Wet op de Kansspelen te ontwikkelen. De speelautomaten spelen hierbij ee prominente rol. Het departement heeft gekeken naar de grote hoeveelheid van uitspraken van het College van Beroep voor het Bedrijfsleven en heeft hieruit de conclusie getrokken dat de ooit eens ingeslagen weg inzake de zogenaamde samengestelde inrichting moet worden verlaten en dat bij de nieuwe wet het begrip "inrichting" weer moet worden gezien als één alles omvattende situatie. Dus geen zogenaamd doosje in doosje cq geen samengestelde inrichting meer. Dit betekent dat indien voor één onderdeel van de inrichting sprake is van een laagdrempelige activiteit deze dan voor de hele inrichting geldt. Hiermee worden alle verbouwingen die de afgelopen jaren zijn gepleegd om het mogelijk te maken dat er kansspelautomaten konden worden opgesteld, in feite, in één keer, nutteloos.
Er mag toch echter wel worden aangenomen dat de wetgever een behoorlijke overgangsregeling in de wet opneemt.
26 maart 2007 Uitspraak College van Beroep voor het bedrijfsleven.
Sinds de wijzigingen van de Drank- en Horecawet en de Wet op de Kansspelen en het Speeltautomatenbesluit is er sprake van de zogenaamde samengestelde inrichting. Zoals de heer Kustner, hoofd van de Voedsel en Waren autoriteit betreffende de drankwetgeving, uitlegde: "het doosje in het doosje".
Het betreft hier een zeer ernstige misser van de wetgever. Bij de komende wijziging van de Drank- en Horecawet ligt het dan ook in de bedoeling om weer terug te keren naar het algemene begrip inrichting. Dit moet ook wel aangezien in de toekomst de afhandeling van diverse vergunningen samen moeten oplopen. Hierbij kan het dan niet zijn dat in het ene geval de situatie anders moet worden bekeken dan op grond van een andere wet.
De vraag die zich hierbij voordoet is of het College van Beroep hierbij al een voorschot heeft genomen op de komende wetswijziging.
De casus betrof een Chinees restaurant die een interne verbouwing had ondergaan en het afhaal gedeelte (laagdrempelig) had afgescheiden van het restaurantgedeelte (hoogdrempelig). De ondernemer ging er van uit dat er in dit geval sprake was van twee lokaliteiten.
Echter het College van Beroep dacht hier duidelijk anders over.
Hoewel de bezoekers niet van het ene naar het andere deel konden komen was het College van mening dat er sprake was van slechte één lokaliteit. Het college overwoog hierbij het volgende.
De bediening van de twee delen vond via één bedieningstoog plaats. Er was sprake van  vrij zicht naar de betreffende onderdelen, terwijl ook vanuit de bar van het restaurantbedrijf een onbelemmerde blik in het afhaalgedeelte mogelijk was. En tenslotte er was maar één kassa. Het college overwoog tenslotte. "Het restaurant kan ondanks de bouwkundige aanpassingen dan ook niet als besloten ruimte in vorenbedoelde zin worden beschouwd".(Bron Gemeentestem 7244 nr. 17.)
Deze uitspraak betekent een aanmerkelijke aanscherping van de uitvoering en vergunning verlening ten aanzien van de plaatsingsmogelijkheid van kansspelautomaten.
Met name veel Chinese horecabedrijven zullen de gevolgen hiervan ondervinden. Veel van deze horecabedrijven hebben in de afgelopen jaren interne verbouwingen ondergaan die door deze uitspraak illusoir zijn geworden. De gemeenten zullen bij deze bedrijven opnieuw de situatie moeten herzien.
Door het "doosje in doosje" effect heeft het College van Beroep een grote hoeveelheid zaken voorgelegd gekregen. Bij een goede wetgeving was dit niet nodig geweest en indien de wetgever had vastgehouden aan het uit
gekristalliseerde begrip "inrichting" dan had dit het College en een aanmerkelijke hoeveelheid gemeenten veel werk bespaard.

 

 

 

      Een essentieel deel voor veel ondernemers is het deel van de Wet op de Kansspelen dat te maken heeft met het plaatsen van kansspelautomaten in horeca inrichtingen.

      Binnenkort zal hier door één van de auteurs van de door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten uitgebrachte richtlijn voor de gemeenten betreffende het plaatsen van speelautomaten in horecabedrijven een nieuwe zienswijze worden gepubliceerd over de plaatsingsmogelijkheden van kansspelautomaten.

Sinds de uitspraak "Wierden" is er sprake van een oneigenlijke weg met betrekking tot het plaatsen van kansspelautomaten in horeca inrichtingen. Ging het bij "Wierden" nog aantoonbaar om de bescherming van jeugdigen nadien zijn en de wetgever en het College van Beroep voor het Bedrijfsleven volledig de weg kwijtgeraakt.
Wat bijvoorbeeld heeft het aantal aanwezige biljartafels nog met kansspelautomaten in verhouding met de bescherming van de jeugd te maken. Antwoord NIETS.

 

 

 

 

 

 

 

 

27 oktober 2006 de genoemde wijziging ook van belang voor speelautomatenbranche.
Er wordt op de departementen druk gewerkt aan een wijziging van de Wet op de Kansspelen die ook betrekking zal hebben op de speeltautomaten. Er zal een herdefiniëring plaatsvinden van de begrippen hoog- en laagdrempelig.
Dit mag ook wel nu de huidige begrippen volledig zijn doorgeslagen naar iets waarvoor het nooit bedoeld is. De bedoeling van de uitspraak "Wierden" had alles te maken met het beschermen van jeugdigen. In de vele uitspraken van het College van Beroep voor het Bedrijfsleven en na een hernieuwde wetswijziging is dit onderdeel verworden tot een soort brancheringsmiddel. Horecabedrijven die uitsluiten café of restaurant zijn mogen kansspelautomaten hebben en alles wat er aan toegevoegd wordt maakt van die horecabedrijven opeens andere bedrijven die dergelijke automaten niet mogen hebben. Tot zo iets kan alleen de overheid komen.
Deze regelgeving heeft er ook voor gezorgd dat bij de uitvoerders er sprake is van verwarring. De ambtenaren die het moeten doen zijn zelden goed op de hoogte. De politie doet al helemaal niets meer aan de situatie.
En de plaatsen waar de politie, op basis van mandaat, nog een uitvoerende functie heeft is dat in strijd met de Algemene Wet Bestuursrecht omdat de burgemeester geen mandaat aan de politie kan geven omdat deze met betrekking tot die wetgeving niet onderschikt is aan de burgemeester.

Snapt u het nog?? Wij wel. Een complexiteit van wetgeving, uitvoering en handhaving daarin zijn wij thuis. Denkt u ons nodig te hebben mail: info@jeejar.nl

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  Adres: JeeJar
   Terras 36
   7609 XR Almelo
   Telefoon: 0546-802635 
   Telefoon: 0640920630

   E-mail: info@jeejar.nl